Biljart, een sport voor iedereen
Etiquette
Sportiviteit is niet in regels en voorschriften te vangen.
Er zijn duizend en
één manieren te bedenken waarop u uw tegenspeler uit zijn rust en
concentratie kunt brengen;
sommige spelers kunnen nu eenmaal hun verlies slecht
verwerken en reageren dat op hun tegenspeler af.
Voor al die situaties kan men
geen regeltjes bedenken.
Daarom geven we een tiental grondregels waar u zich in elk geval aan dient te
houden.
1. Wees altijd sportief, ook als u verliest.
2. Waardeer het spel van uw tegenstander (toon ook interesse als u niet aan de
beurt bent).
3. Een hand geven voor en na de wedstrijd is een normale sportieve vorm van wederzijds
respect.
4. Ga tijdens de wedstrijd niet in discussie met de arbiter over de vraag of een
bal goed of fout was.
5. Vraag aan de arbiter of hij nogmaals wil beoordelen of een bal vastligt.
6. Houd uw eigen concentratie vast en verstoor die van uw tegenspeler nooit.
7. Blijf altijd beheerst, niet praten, schelden of stampen met de keu.
8. Wanneer u tijdens een wedstrijd naar het toilet moet, laat dan eerst uw tegenstander
uitspelen.
Bent u aan de beurt, laat dan de arbiter zeggen dat u eerst naar het
toilet gaat.
9. Ga, nadat uw beurt voorbij is, altijd op uw stoel zitten. Blijf niet bij de
tafel staan.
10. Neem uw krijtje mee naar uw zitplaats wanneer uw beurt voorbij is.
Tot de normale etiquette hoort ook dat u zich bij wedstrijden aan de kleding houdt
die door uw vereniging en/of biljartbond is voorgeschreven.
Voor de Nederlandse
en Belgische Biljartbonden zal die kleding als regel bestaan uit een zwarte pantalon,
zwarte schoenen en sokken, een effen wit overhemd,
een trui of vest in een door
de bond toegestane kleur en een zwart vlinderstrikje of stropdas.
Terug